Sinds mijn jeugd ben ik al geïnteresseerd geweest in kevers en andere insecten. In onze tuin en op vakantie was ik vaak op zoek naar kleine, kruipende en vliegende dieren. Ik verzamelde er veel en wilde veel over dieren weten. Als logisch gevolg ben ik jaren later biologie gaan studeren, maar kwam helaas weinig in aanraking met insecten. Ik begreep ook wel dat er weinig werk zou zijn voor een entomoloog, maar de insecten bleven altijd trekken.

Na mijn studie in Nederland ging ik voor verdere studie (genetica) een paar jaar naar Kaapstad, waar ik elke zomer veel gele kevers in onze tuin op de appelboom zag. Dit bleek later Pachnoda sinuata te zijn. Die kevers heb ik daar echter nooit gehouden, want ze vlogen toch lekker rond.

Toen ik een aantal jaren later naar Kenia en Tanzania ging, zag ik in mijn terrarium encyclopedie dat daar een verwante soort (Pachnoda ephiappiata) voorkwam. Vastbesloten was ik om er een mee te nemen en dan een paar maanden later (op vakantie naar Zuid-Afrika) een Pachnoda sinuata mee te nemen. Het leek me leuk deze twee verwante soorten opgezet te hebben. Het pakte iets anders uit.

In Kenia ving ik een Pachnoda ephiappiata, maar liet die weer vrij omdat ik niet wist hoe ik de kever de twee weken erna op vakantie nog in leven kon houden. Ik verwachtte er ook meer te zien. Dat gebeurde dus niet. Wel vond ik in Kaapstad twee dode Pachnoda sinuata, dus die nam ik mee. Eentje was behoorlijk beschadigd, de andere puntgaaf.

Een paar dagen na thuiskomst bleek het puntgave exemplaar in het filmkokertje te bewegen! Nu had ik ineens een levende kever en moest dus direct kijken hoe ik het diertje in leven kon houden. Dat was natuurlijk snel uitgevonden en direct kreeg deze aanwinst een naam: “Keef”. Hij is de start van mijn keverhobby geworden.

"Keef", de start van mijn hobby


Eigenlijk wilde ik hagedissen gaan houden in een groot terrarium, maar Keef was dus de eerste bewoner. Op de beurs in Houten zag ik een leuke keversoort (Pachnoda marginata), die ik als gezelschap voor Keef gekocht heb. Ik had gelezen dat er minstens een strooisellaag van 10 cm moest zijn in het terrarium voordat er eitjes gelegd zouden worden afgezet en ik had er hooguit 3 cm in liggen. Ik was er dus van overtuigd dat het bij deze imago’s zou blijven en na de dood van hen er geen kevers meer zouden zijn in huis. Niets was minder waar! Na een paar maanden bleken er dikke larven in het substraat te zitten. Nu moest ik toch wat gaan doen. Deze larven ben ik verder gaan opkweken en bij mijn volgende bezoek aan de beurs heb ik weer een andere soort erbij gekocht. De hagedissen zijn ook nog wel gekomen (en gegaan), maar de kevers zijn gebleven.

Wel heb ik altijd al gevonden dat de prijs van de keverlarven vaak behoorlijk hoog is, terwijl de meeste soorten redelijk goed kweken. In het begin heb ik met alle soorten aanloopverliezen gehad en begin dus liever niet met minder dan 10 larven. Daarom bied ik mijn larven dus ook aan vanaf 10 stuks, zodat je direct een behoorlijk aantal kevers hebt en wat aanloopverlies kan lijden.